Als je maar gelukkig bent

Wist jij als klein kind al heel duidelijk wat je wilde worden als je later groot was? Ik volgens mij niet. Ik heb wel eens gezegd juf, maar er staat mij zelfs een herinnering bij dat ik non wilde worden (zal vast en zeker zijn gekomen doordat ik te vaak The Sound Of Music heb gekeken). Wel weet ik dat ik zo rond mijn tiende graag beroemd wilde worden. Een beroemde zangeres. Toch is dat ook iets wat ik op een gegeven moment heb los gelaten en als ik er goed over nadenk, heb ik eigenlijk nooit echt een duidelijke droom gehad. Iets waarvan ik wist, dat wil ik de rest van mijn leven doen. Hoewel ik die droom vorig jaar wel leek te hebben gevonden met De Werkende Moeder, is alles nu toch een blanco canvas voor mij. Hoe dat komt? Omdat ik nu eindelijk mijn eigen basis heb bereikt, mijn eigen startpunt en van hieruit ga ik mijn ‘roadmap’ maken.

Dromen om niet waar te maken
Het is niet zo dat ik nooit heb geweten wat ik wilde doen met mijn leven. Ik heb verschillende keuzes gemaakt in het verleden, omdat ik op dat moment een bepaalde droom had. Toch heb ik die dromen nooit echt waar gemaakt. Gebrek aan discipline? Misschien. Gebrek aan motivatie? Sowieso. Want als ik echt gemotiveerd was om die droom waar te maken, als het echt hetgeen was wat ik het allerliefste wilde doen, dan was ik er wel voor gegaan. No matter what.

Andermans dromen
Toch vraag ik mij af of de dromen die ik had, ook echt MIJN dromen waren of dat ik mij te veel had laten leiden door wat anderen zeiden. Mijn droom om een beroemde zangeres te worden, was bijvoorbeeld grotendeels ontstaan doordat ik gezegend was met een gouden strot en iedereen zei dat ik daar wat mee moest doen. Maar toen puntje bij paaltje kwam en ik ook daadwerkelijk ervoor moest werken, was die droom het mij toch allemaal niet waard. Ik probeerde wel het e.e.a. maar het was het allemaal net niet, dus na een aantal jaar van proberen gaf ik het op. Dan maar geen muziek carrière.

Op naar de universiteit
Zo besloot ik dan ook om niet te kiezen voor een opleiding aan het conservatorium, maar ging ik rechten studeren aan de uni. Met een VWO diploma moest je immers naar de universiteit, waarom had je anders VWO gedaan? Maar dat rechten werd hem niet. In het eerste jaar wist ik mijn propedeuse niet te behalen en moest ik van de uni af. Ik besloot het nog in een andere stad te proberen, maar uiteindelijk gaf ik na een half jaar toe dat ik het geen zak aan vond. Niet alleen de opleiding vond ik niets, maar het universitaire onderwijs sprak me ook niet aan. Met lood in mijn schoenen vertelde ik mijn ouders dat ik was gestopt, want tja, ik was van het plan afgeweken. Ik had mijn opleiding niet afgemaakt en ik wist ook zeker dat een volgende opleiding zeker niet op universitair niveau zou gaan zijn (mijn ouders waren er overigens oké mee, die vonden dat ik iets moest doen waar ik gelukkig van zou worden).

Van juf naar weddingplanner
Ik ging mij oriënteren op wat ik wilde doen en besloot na een week mee te hebben gelopen op een basisschool, mij in te schrijven voor de Pabo. Er was baangarantie, ik vond het weekje meelopen op de basisschool super leuk en mijn omgeving vond het ook echt bij mij passen. Maar vlak voor het einde van de zomervakantie kwam de opleiding Vrijetijdsmanagement op mijn pad en besloot ik te switchen. Waarom? Omdat ik al jaren dingen organiseerde en stiekem ervan droomde om weddingplanner te worden.

En nu?
Fast forward naar 10+ jaar later, kan ik je vertellen dat ik niet voor die weddingplanner droom ben gegaan. Verre van. Maar ook mijn nieuwe baan (in case you have missed it, I’ve got a job!) komt totaal niet in de buurt van weddingplanner achtige shizzle. Mijn nieuwe baan is zelfs niet iets wat ik de rest van mijn leven wil blijven doen en waarvan ik ook echt niet van mezelf had verwacht dat ik dit op mijn 35ste, met mijn kennis en ervaring, zou gaan doen. Maar het is een volkomen bewuste keuze geweest, met ook een hele duidelijk motivatie voor mezelf. Deze functie past heel erg bij waar ik nu behoefte aan heb en bij wat ik nu nodig heb. Toch merk ik dat sinds ik weet dat ik ben aangenomen, ik mijn keuze verdedig naar anderen toe. Niet eens zozeer vanuit de gedachte wat de ander er anders van zou vinden, maar meer alsof ik voor mijzelf deze werkkeuze aan het rechtvaardigen ben.

Je kan meer dus doe meer
Een interessant vraagstuk, want er valt helemaal niets te rechtvaardigen. Zoals ik al zei heb ik deze keuze heel bewust gemaakt. Gelukkig weet ik wel waar dit ‘verdedigen’ vandaan komt. Het heeft alles te maken met mijn eigen verwachtingen. In mijn ogen was IK (en let op ik zeg hier IK en dus niet anderen) niet goed genoeg als ik niet meer zou doen met mijn kwaliteiten, met mijn diploma, met mijn ervaringen. In mijn ogen kon het absoluut niet dat ik de financiële stappen die ik in de afgelopen jaren had gezet, zo aan de kant schoof. In mijn ogen was ik simpelweg niet goed genoeg bezig. Het moest beter en het moest meer.

Een mooi inzicht
En dat is ‘grappig’ (tussen aanhalingstekens, want echt grappig is het natuurlijk niet), want bijna twee weken geleden overkwam mij iets heel moois. Iets waardevols. Iets wat ik dankzij deze Corona tijd eindelijk heb mogen beseffen én voelen. Namelijk dat mijn leven goed genoeg is. Dat ik niet altijd hoef te streven naar meer of beter. Dat wat ik nu op dit moment heb, meer dan voldoende is. Mijn basis is voldoende. Ik besefte ook dat het geen drol uitmaakt wat voor een werk ik doe, omdat werk mij niet definieert. Het zegt niets over wie ik als persoon ben. Het moment waarop dat besef bij mij binnen kwam, en dan bedoel ik ook echt diep bij mij binnen kwam, was een onvergetelijk moment. Een emotioneel moment. Ineens voelde ik namelijk een rust waar ik al zo lang naar verlangde. Ik voelde dat ik thuis was gekomen.

Aard van het beestje
Maar zo zie je maar dat jarenlang streng zijn voor jezelf, jarenlang de lat hoog leggen voor jezelf en jarenlang verwachtingen van jezelf baseren op wat anderen wel niet zouden kunnen vinden en denken, niet zomaar ineens ‘uit je systeem’ is. En dat geeft niet. Het is een proces wat tijd nodig heeft.

Toen ik mijn ouders destijds vertelde dat ik was gestopt met mijn Rechtenstudie, vertelde mijn vader een verhaal over een dame die universitair was opgeleid, een aantal jaar op hoog niveau had gewerkt en daarna besloot om aan de slag te gaan als secretaresse. Een functie waar ‘men’ haar veel te zwaar voor vond. Waarom ze die keuze had gemaakt? Omdat ze op die manier kon doen wat ze leuk vond: veel reizen en van de wereld zien. Ze had samen met haar man een boot gekocht en reisde de wereld rond in haar vrije tijd. Pas toen was ze echt gelukkig. Op de één of andere manier is dat verhaal mij altijd bij gebleven.

Het maakt namelijk niet uit wat je doet, het gaat erom dat je gelukkig bent. Welk diploma je ook hebt, of misschien wel niet hebt, het zegt niets over jou of over hoe gelukkig je bent.

Hoewel ik op dit moment niet goed weet wat ik wil en waar ik over bijvoorbeeld 5 jaar wil staan in het leven, weet ik één ding wel heel zeker: ik ben nog nooit zo gelukkig geweest als dat ik nu ben in én met mijn leven.

“Who looks outside dreams; who looks inside, awakes.”

Carl Gustav Jung

Liefs,
Nynke

Photo by MI PHAM on Unsplash

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *